In de nieuwe pensioenregeling blijft veel hetzelfde. Hieronder de belangrijkste zaken die hetzelfde blijven.
Veel blijft hetzelfde
-
U legt samen met de werkgever geld in voor uw pensioen
Samen met uw werkgever legt u 30% van uw pensioengrondslag in voor uw pensioen. DNB betaalt daar bovenop nog extra premie voor de kosten voor uitvoering van de pensioenregeling. In totaal betalen u en DNB samen maximaal 34,7% van de pensioengrondslag.
-
We blijven risico's met elkaar delen
Dit wordt gedaan door collectief te beleggen en door een reserve aan te houden waarmee de pensioenen van (bijna) gepensioneerden en nabestaanden worden beschermd.
-
Bij arbeidsongeschiktheid blijft u pensioenvermogen opbouwen
U blijft pensioenvermogen opbouwen, zonder dat u hiervoor betaalt.
-
U hebt keuzes als u met pensioen gaat
- In de nieuwe pensioenregeling blijft 68 jaar de richtleeftijd om het pensioen van ons fonds in te laten gaan. U kunt uw pensioen ook eerder of later laten ingaan. Binnen de mogelijkheden bepaalt u zelf wanneer u met pensioen gaat.
- U hebt verschillende keuzes voor de hoogte van uw pensioen. Ons fonds verwacht dat deze hetzelfde zijn als in de huidige regeling.
In onze brochure 'Bijna met pensioen' leest u meer over uw keuzemogelijkheden.
-
Het pensioen via uw werkgever blijft een aanvulling op de AOW van de overheid
Naast het pensioen van ons fonds krijgt u vanaf de AOW-leeftijd AOW van de overheid.
Check hier uw AOW-leeftijd om te zien wanneer u naar verwachting de AOW van de overheid ontvangt. -
Na uw overlijden is er pensioen voor uw partner zolang deze leeft en voor uw kinderen
- Het partnerpensioen en het wezenpensioen blijven bestaan. Uw kinderen zijn meeverzekerd tot de leeftijd van 25 jaar, dit was voorheen 21 jaar. Wezenpensioen wordt uitgekeerd aan personen tot 27 jaar die nog studeren.
- De hoogte van het partnerpensioen en wezenpensioen verandert wel. Dat leest u op de pagina 'wat verandert er'.
-
U krijgt pensioen zolang u leeft
Net als in de huidige pensioenregeling krijgt u pensioen zolang u leeft.