Arbeidsongeschikten
-
Ik ben arbeidsongeschikt, verandert er iets voor mij?
U bouwt pensioen bij ons op. Dit gebeurt (gedeeltelijk) premievrij omdat u (gedeeltelijk) arbeidsongeschikt bent. Het pensioenfonds betaalt dus (een deel van) uw premie. In de nieuwe pensioenregeling blijft dit zo. U blijft dus pensioen opbouwen voor het deel dat u arbeidsongeschikt bent en uw nabestaanden hebben nog steeds recht op een nabestaandenpensioen.
Wel wijzigt voor u, net als voor de actieve deelnemers, de wijze waarop de (premievrijgestelde) opbouw plaatsvindt. Dit gebeurt in de nieuwe regeling namelijk niet langer op basis van een jaarlijks opbouwpercentage, maar op basis van de premie-inleg.Ontvangt u arbeidsongeschiktheidspensioen van ons? Dan gaat de hoogte van uw arbeidsongeschiktheidsuitkering variëren. Net als andere pensioenuitkeringen wordt de hoogte ieder jaar opnieuw bepaald. Uw pensioen kan straks wel makkelijker omhoog in goede tijden. In slechte tijden beschermen we uw pensioen tegen een daling, met een gezamenlijke reserve. In hele slechte tijden kan uw pensioen nog steeds omlaag, net als nu.
Nabestaandenpensioen uit de pensioenregeling voor 1 januari 2020
-
Wat gebeurt er met mijn opgebouwde partner- en wezenpensioen uit de oude regeling (vóór 1 januari 2020)?
Bent u deelnemer aan de pensioenregeling en heeft u geen bezwaar gemaakt tegen de omzetting van het opgebouwde partner- en wezenpensioen uit de oude pensioenregeling (vóór 1 januari 2020). Dan hebben uw partner en kinderen recht op een partner- en wezenpensioen vanuit de eerder opgebouwde aanspraken.
Daarnaast hebben uw nabestaanden vanaf de ingang van de nieuwe pensioenregeling meestal recht op nabestaandenpensioen op grond van de nieuwe pensioenregeling. -
Ik heb destijds bezwaar gemaakt tegen het omzetten van het uitgestelde partnerpensioen bij de overgang van 1 januari 2020. Wat gebeurt daarmee?
Bij het invaren zal de voorziening van uitgesteld partnerpensioen (waarvan de pensioendatum persoonsafhankelijk is en kan liggen op 65,67 of 68 jaar), worden toegevoegd aan uw persoonlijk pensioenvermogen. U ontvangt de volledige waarde van dit uitgesteld partnerpensioen als extra vermogen in uw persoonlijke pensioenvermogen voor ouderdomspensioen en partnerpensioen na de pensioendatum.
Let op! Stelt u uw pensioendatum uit ten opzichte van uw persoonsafhankelijke pensioendatum (65, 67 of 68 jaar). Dan heeft uw partner bij uw overlijden tijdens deze periode geen recht op levenslang partnerpensioen uit deze voormalige partnerpensioenaanspraak. Dit vermogen is opgenomen in uw persoonlijk pensioenvermogen en kan gebruikt worden voor partnerpensioen op het moment van de uitgestelde pensioendatum.
U ontvangt van het pensioenfonds in het vierde kwartaal van 2025 hierover een persoonlijke brief.
Ik heb recht op of een lopende uitkering tijdelijk ouderdomspensioen of prepensioen
-
Ik ontvang tijdelijk ouderdomspensioen en/of prepensioen. Verandert er iets voor mij?
Ja. De hoogte van de uitkering gaat variëren. Net als andere pensioenuitkeringen wordt de hoogte ieder jaar opnieuw bepaald. Uw pensioen kan straks wel makkelijker omhoog in goede tijden. In slechte tijden beschermen we uw pensioen tegen een daling, met een gezamenlijke reserve. In hele slechte tijden kan uw pensioen nog steeds omlaag, net als nu. De uitkering loopt door tot de vastgestelde einddatum. Dat wijzigt niet.
-
Ik heb recht op tijdelijk ouderdomspensioen en/of prepensioen. Deze pensioenen zijn voor mij nog niet ingegaan. Wat gebeurt daarmee?
Als de nieuwe pensioenregeling ingaat wordt de waarde van uw tijdelijk ouderdomspensioen of van uw prepensioen toegevoegd aan uw persoonlijk pensioenvermogen voor ouderdomspensioen. U kunt vervolgens voor het gehele persoonlijk pensioenvermogen gebruik maken van de keuzemogelijkheden die u op pensioendatum heeft. U kunt uw pensioen bijvoorbeeld eerder laten ingaan, of u kunt ervoor kiezen om eerst een periode een hoger en vervolgens een lager pensioen te ontvangen. Of andersom. Lees meer informatie.
U kunt er (onder bepaalde voorwaarden, die ten grondslag liggen aan de fiscale wetgeving) voor kiezen om voor de overgang naar de nieuwe pensioenregeling uw tijdelijk ouderdomspensioen of prepensioen in te laten gaan. De belangrijkste voorwaarden zijn:
- Deelnemers ouder dan 60 jaar met recht op prepensioen kunnen de uitkering aanvragen en laten ingaan voordat de nieuwe pensioenregeling ingaat.
- Deelnemers met recht op tijdelijk ouderdomspensioen (ook jonger dan 60 jaar) kunnen de uitkering aanvragen en laten ingaan voordat de nieuwe pensioenregeling ingaat.
Andere deelnemers, jonger dan 60 jaar met recht op prepensioen hebben deze keuze helaas niet. Hun prepensioen wordt omgezet naar een persoonlijk pensioenvermogen en komt beschikbaar als ouderdomspensioen, waarvoor u zoals eerder aangegeven kunt kiezen voor de gebruikelijke keuzemogelijkheden.
Indien u nog recht heeft op tijdelijk ouderdomspensioen of prepensioen, dat nog niet wordt uitgekeerd, dan krijgt u hierover een persoonlijke brief van het pensioenfonds in het vierde kwartaal van 2025.
Medewerkers uit dienst en/of ingangsdatum pensioen voor 1 april 2017
-
Ik ging uit dienst of met pensioen voor 1 april 2017. Wat geldt er voor mij?
Dan had u recht op een kwartaaluitkering. Om de pensioenregeling minder ingewikkeld te maken, is deze kwartaaluitkering per 1 januari 2021 omgezet naar een maanduitkering. Bij overlijden wordt nog een bruto-uitkering gedaan tot het einde van het kwartaal, genaamd de 'slotuitkering':
- Bij overlijden in 1e maand van kwartaal: 2 maanden slotuitkering;
- Bij overlijden in 2e maand van kwartaal: 1 maand slotuitkering;
- Bij overlijden in 3e maand van kwartaal: géén slotuitkering.
Vanwege fiscale redenen wordt het eventueel partnerpensioen dat ingaat na overlijden binnen het betreffende kwartaal verrekend met de slotuitkering van het ouderdomspensioen. Deze regeling kan na invaren niet meer worden uitgevoerd.
De regeling geldt voor iedereen die er recht op had en betreft recht op ouderdomspensioen, partnerpensioen en wezenpensioen. U ontvangt bij invaren een compensatie voor het vervallen van deze regeling.
Bij het invaren zal voor u een gemiddelde slotuitkering van 1 maand worden bepaald en toegevoegd worden aan uw persoonlijk pensioenvermogen. Daarbij wordt wel een leeftijdsafhankelijke opslag toegepast. Ontvangt u al een uitkering? Dan leidt dit direct tot een hogere pensioenuitkering.U krijgt hierover een persoonlijke brief van het pensioenfonds in het eerste kwartaal 2026.
Oud-PVK
-
Ik hoor bij de groep oud-PVK. Wat is er voor mij geregeld?
Was u vroeger werkzaam bij de Pensioen- en Verzekeringskamer (PVK) en bent u voor 1 januari 2005 uit dienst of met pensioen gegaan? Dan heeft u een specifieke toezegging op een jaarlijkse verhoging van uw pensioen op basis van de cao-loonstijging bij DNB. Indien het pensioenfonds deze jaarlijkse verhoging niet kan financieren betaalt de werkgever hiervoor een koopsom aan het pensioenfonds.
De werkgever DNB heeft het verzoek aan het pensioenfonds gedaan om deze groep oud-PVK deelnemers onder te brengen bij een verzekeraar. Dit noemen we een collectieve waardeoverdracht. Het pensioenfonds heeft hiervoor een verzoek tot toestemming ingediend bij de toezichthouder DNB.
Als de toezichthouder DNB geen bezwaar heeft, krijgen de oud-PVK deelnemers een voorstel voor een overgang naar een verzekeraar met behoud van hun toegezegde jaarlijkse stijging. Deelnemers kunnen individueel bezwaar maken tegen deze overgang. De deelnemers die bezwaar maken blijven bij het pensioenfonds en gaan mee naar de nieuwe pensioenregeling.
U ontvangt in het vierde kwartaal 2025 van het pensioenfonds hier een eerste persoonlijke brief over met een toelichting op het proces. In de brief leggen we de voor- en nadelen van beide keuzes uit. Het definitieve voorstel voor de te maken keuze ontvangt u in mei 2026.Op deze pagina's krijgt u een indruk wat het betekent als u meegaat naar de nieuwe pensioenregeling:
Tijdelijk partnerpensioen
-
Ik ben (bijna) gepensioneerd en heb een partner die nog geen AOW ontvangt, verandert er iets voor mij?
Als u met pensioen bent en uw partner bij uw eventuele overlijden jonger is dan de AOW-leeftijd, dan ontvangt hij of zij in principe wel een partnerpensioen, maar geen tijdelijk partnerpensioen tot AOW-leeftijd. Het tijdelijk partnerpensioen is een verzekering op risicobasis voor deelnemers.
Voorheen waren ook gepensioneerden die met pensioen gegaan waren vanuit een actief deelnemerschap verzekerd als de partner jonger was dan de AOW-leeftijd. De risicodekking voor het tijdelijk partnerpensioen voor deze groep gepensioneerden vervalt in de nieuwe pensioenregeling.U heeft op de pensioendatum de mogelijkheid om (extra) ouderdomspensioen om te ruilen naar een levenslang partnerpensioen.